Zelfgekozen begrenzing als ultieme fietsvrijheid
Dit is een ingezonden stuk van Henk Schuurman waarin hij schrijft over zijn vrijheidsbeleving op de analoge vakantiefiets, over ouder worden, slijtage en zelfacceptatie. Door je fietsgeluk niet te snel afhankelijk te maken van een elektromotor, maar te doen wat nog wél kan.
Een fiets! Dat is het ultieme symbool van vrijheid en onafhankelijkheid. Als kind kun je met een fiets voor het eerst van je leven letterlijk en figuurlijk afstand nemen van je ouders. Je kunt wegfietsen onder hun toeziende blikken vandaan, de door hen bepaalde grenzen voorbij. Zomaar je eigen straat uit. Je kunt je eigen weg gaan op ongekende wegen tot ver achter onvermoede horizonnen.
Een kind met een fiets is een kind met vrijheid!
Ik was een jaar of zes, zeven, toen mijn broer en ik allebei een fonkelnieuwe fiets kregen. Van het lang verdwenen Rotterdamse merk Trio. Die van mijn broer was blauw, die van mij rood. Het zal met dat gevoel van vrijheid te maken hebben, dat ik zo’n zestig jaar later nog altijd de kleur en het merk weet. Die vrijheid als ik op m’n fiets stap voor een dagtocht of een fietsreis is nooit verdwenen. Ik rijd met klikpedalen. “Als m’n klikkies vast zitten, ben ik vrij” is mijn adagium.

Ultieme vrijheid was het fietsen als zesjarige. Ultieme vrijheid is het nog altijd. Europa begint bij mijn voordeur. Eerst samen met mijn vrouw, later met onze kinderen erbij. Weer later opnieuw samen, maar ook solo doorkruiste en doorkruis ik ons continent.
Ooit – als student zonder een cent te makken – op een gammele stadsfiets. Later op een fragiele racefiets. Daarna op een instapmodel-trekkingfiets. En nu al weer heel wat jaren op een Santos. Destijds met canvas tassen waarin we grijze vuilniszakken deden om de boel droog te houden. En een katoenen tentje, zo’n driehoekje, met twee stokken en een noklat. Later met geavanceerder en vooral lichter materiaal.
Maar hoe ik ook fietste – zwaar bepakt, licht bepakt, op een simpele fiets of op een topmodel, samen of alleen – vrijheid was en is het waar het om ging en nog steeds gaat. Ik herinner me nog altijd de grote vreugde en voldoening toen ik, vanuit huis begonnen, het Berner Oberland in fietste. Als kind was ik er vaak met mijn ouders geweest. Met de auto. Nu kwam ik er op eigen spierkracht!
Na veel gezamenlijke Europese avonturen kwam voor mijn vrouw een aantal jaren geleden de klad erin. Om fysieke redenen ging haar het fietsen steeds moeilijker af. Een zestiger is geen dertiger. “Neem toch een e-bike, die heeft iedereen!” was het welgemeende advies van velen om ons heen.
Na lang aarzelen liet zij op haar Santos een pendixmotor monteren. Maar vrijheid…? In korte tijd verloor ze veel energie. Maar erger nog: ze werd overvallen door actieradiusangst: “Haalt ‘ie het tot we thuis zijn…?” Goed beschouwd gaf de op het eerste gevoel prettige ondersteuning meer spanning dan ontspanning. Weg vrijheid. Bovendien bleven haar fysieke klachten op de fiets vrijwel dezelfde. De motor bestreed op z’n best iets van de symptomen, maar pakte de oorzaken niet aan. Even snel als hij ‘m gemonteerd had, verwijderde Michiel ‘m weer. Terug bij af en einde verhaal?
Nee. Michiel verwees haar naar Jan Glorie in Meppel. Jan is gespecialiseerd in bikefitting. Meer nog: Jan is gespecialiseerd in luisteren naar mensen. Voordat Jan mijn vrouw op zijn fittingapparaat liet plaatsnemen, nam hij anderhalf uur de tijd om te luisteren naar wie zij was, naar hoe zij dacht. En ja, ook naar haar fietswensen.

De ultieme vraag drong zich op: moet je alles wat je wilt ook kunnen en doen? Of heeft vrijheid ook met begrenzing te maken? Vrijheid om te kiezen voor een comfortabelere route en níet meer die pas over te gaan. Vrijheid om met tevredenheid onder ogen te zien dat – inderdaad – een zestiger geen dertiger is. Vrijheid om in dankbaarheid terug te blikken op al die mooie tochten die we samen maakten. Op de bijzondere momenten die we beleefden, de onverwachte ontmoetingen, de ongekende wegen, de landschappen, de campings…
Dat is levenswijsheid en heeft te maken met acceptatie. Acceptatie van jezelf. Acceptatie van het leven. Zo is het nu eenmaal.
Een mens krijgt rimpels. Daar kun je tegen smeren, beweert de cosmetica-industrie. Maar smeersels – als ze al werken – bestrijden symptomen. Zijn rimpels erg? Rimpels vertellen van de schoonheid van het leven. Van veranderingen, nieuwe levensfasen, van groeien – en ja ook slijten – aan het leven. Opnieuw: moet alles wat kan? Ken je grenzen en respecteer die. Want zelfgekozen begrenzing is ultieme vrijheid. Daar kwam het gesprek in Meppel op uit.
Elektrische ondersteuning? Het kan. Maar kijk eerst naar wat jouw mogelijkheden en die van je fiets zijn. Die bleken groter dan wij dachten. Jan monteerde een ander stuur, een ander zadel, andere pedalen, zelfs andere (een halve centimeter kortere!) cranks. Hij veranderde de zithouding van mijn vrouw. Het resultaat? Ondanks haar fysieke beperkingen rijdt ze weer met veel plezier. Op eigen kracht. Die bovendien weer toenam door echt helemaal zelf te fietsen. En nee, niet meer zo ver als voorheen. Maar wel met ultieme vrijheid.

Ik zal niet zeggen dat ik nooit een motor op m’n Santos laat monteren. Er kan een tijd aanbreken dat dat een verstandige stap is. Maar ik wil die stap niet lichtvoetig zetten. Met een motor en accu zou m’n fiets zeven of meer kilo extra gaan wegen. Dat komt de handelbaarheid niet ten goede en is niet handig in de trein. Een deel van de energie die de motor levert, gaat verloren aan de verplaatsing van die motor en zijn accu zelf. Weggegooide energie.
De productie, het gebruik en – na een kortere of langere levensduur – de verwerking en recycling van het systeem van zo’n stekkerfiets zou mijn milieuvoetstap vergroten. Dingen waar ik niet blij van word. Zeker wanneer het niet noodzakelijk is. Wie kiest voor een stekkerfiets maakt zijn of haar afwegingen en heeft daarvoor goede redenen. Elektrisch ondersteund rijden kan een oplossing zijn voor een probleem of gewoon comfortabel en gemakkelijk. Maar wat lever je ervoor in?
Deze zomer fietste ik in de Pyreneeën. Behoorlijk pittig. Het gaf voldoening vast te stellen dat mijn lichaam en mijn geest het klimmen aankonden. Niettemin, hier en daar week ik af van mijn geplande route om een minder zware voie verte door het dal te volgen. Dan maar even geen adembenemend uitzicht. Maar wel de vrijheid om te luisteren naar mijn lichaam. En vooral: de vrijheid en de voldoening om op eigen spierkracht te reizen. Zonder actieradiusangst. Zonder zorgen om oplaadpunten of gedoe met stekkers op campings. Me bewust van mijn mogelijkheden en waar die ophouden.
Met tevredenheid stelde ik vast dat ik (nog) geen motor nodig had. Ook dat is vrijheid. Een spierfiets is een even eenvoudig als subliem vervoermiddel. In tegenstelling tot een stekkerfiets kun je er op eigen kracht mee wegrijden. Zomaar je eigen straat uit. Je kunt je eigen weg gaan op ongekende wegen tot ver achter onvermoede horizonnen. Of minder ver als je ouder wordt en je je eigen grenzen aanvaardt. Fietsen op een spierfiets houdt in zelfgekozen begrenzing als ultiem fietsvrijheid.
Ja, een mens met een (spier)fiets is een mens met vrijheid!
Henk Schuurman, BMF’er*
* Bewust Motorloze Fietser


