Beschrijving
Dit is Sam.
Sam past overal. Nergens helemaal.
Sam komt uit België. Geboren bij Santos in Nieuw-Vennep, nieuw geleverd in Antwerpen en nu weer terug in Nederland. Bij Saint Christopher in Gorssel.
Nederlands, Frans, Vlaams. Hij spreekt alles een beetje. Geen enkele helemaal. Sam is een Saint Maître de Voyage trois Plus, een Santos Travelmaster 3+.
In Nederland zeggen ze fiets. In België zeggen ze vélo, of rijwiel, of gewoon “den bak”. Sam reageert op alle drie. Hij wil niemand tegenspreken. Dat is ook een beetje Belgisch.
In Gorssel hoor je ook meerdere talen. Plat, bekakt, algemeen beschaafd en meer. Want in Gorssel woont veel import. Oud geld, Tukkers, Gelderlanders, Oekrainers, Syriers en Randstadters. Het is er verrassend divers voor zo’n klein dorpje. Sam doet zijn best ertussen te passen en dat lukt hem goed. Hij knikt vriendelijk en hoopt dat het genoeg is. Meestal is het genoeg.
Sam is zo goed als nieuw. De wegen in de Ardennen heeft hij nooit gezien, de kasseien van Vlaanderen nooit gevoeld. Zijn banden weten niet wat Parijs-Roubaix is. Dat is zijn stille verdriet. Hij is gebouwd voor wegen die andere fietsen kapot zullen maken en hij is er nooit geweest. Hij is maagdelijk. Intact. Een beetje onaf daardoor.
Zijn welhaast smetteloze frame is blauw. Azure, zou hij zeggen. Of gewoon bleu. Afhankelijk van wie er luistert.
Zijn courroie — zijn tandriem — loopt geruisloos van achter naar voor. In het Frans klinkt het eleganter dan het is. In het Nederlands klinkt het degelijker. Sam vindt beide versies goed.
Zijn moyeu de Rohloff — zijn Rohloffnaaf — is rood. Hij vond rouge gewoon de mooiste kleur voor een onderdeel dat zo belangrijk en zo goed is. Hij is er fier op.
Zijn kader heeft officieel een mannenvorm. Maar door de knik in de bovenbuis net niet overtuigend genoeg. Het zou ook une cadre voor jeune vrouwen kunnen zijn. Sam heeft daar geen mening over.
Hij rijdt met iedereen. Man, vrouw. Niet groot, wel klein, want zijn maat is 49cm. Hij stelt geen vragen over wie er op zijn selle zit. Als het nodig is past hij zijn guidon aan per rijder.
Zijn spatborden — zijn garde-boues — houden het vuil buiten. Ook dat doet hij in twee talen tegelijk, zonder er bij na te denken.
Wie bij hem past: iemand die ook niet precies weet waar hij/zij thuishoort. Die de wereld liever ontdekt dan beschrijft. Die “alsjeblieft” zegt en “s’il vous plaît” bedoelt, of andersom.
Sam staat klaar.
Nu. Maintenant.
Ici. Hier.
Nee, niet gisteren. Aujourd’hui.
Il attend. Hij wacht.















