De damesfiets met lage instap komt door God
Eén van de mooiste dingen van vader zijn, is dat je de wereld weer wat meer door de ogen van een kind leert te zien. Dankzij de vele waarom-vragen van mijn achtjarige zoon kan ik me weer verwonderen over dagelijkse dingen. Valentijn zet me aan het denken en ik probeer steeds een zo volledig mogelijk, genuanceerd antwoord te geven. Als ik het niet weet, gaan we samen op onderzoek uit.
Hij denkt momenteel veel na over de verschillen tussen jongens en meisjes. De fysieke verschillen en sexe-specifieke kwaliteiten begint hij te begrijpen, maar hij snapt helemaal niets van de culturele verschillen. Hij maakt zich altijd heel boos over ongeschreven regels die voor genderongelijkheid zorgen.
Hij ziet dat er bij vriendjes thuis andere gewoonten en regels bestaan dan bij ons en stelt daar vragen over. Zo draagt de moeder van zijn beste vriendje een hoofddoek en de vrouwen in het gezin mogen mannen geen hand geven. Daar snapt hij niets van.

Vaak komen zijn vragen naar boven tijdens het fietsen. En al trappend vertel ik dan over biologie, cultuur, geschiedenis en de verschillende religies. Hoe het vroeger was, waar de vele leefregels vandaan komen en waar je die nu nog in terug ziet. Ik probeer er geen oordelen in door te laten klinken, maar als hij enige ongelijkheid bespeurt, laat hij zijn verontwaardiging duidelijk horen.
Ik indoctrineer hem wel, maar alleen op het gebied van goede fietsen. Daar krijgt hij in de winkel het één en ander van mee. Met technisch Lego heb ik hem laten zien waarom fietsframes uit driehoeken bestaan en wat er met de sterkte gebeurt als je één stang verplaatst of verwijdert. Hij weet nu dat de driehoek de meest onwrikbare vorm is en bouwt daar torens en bruggen mee.

Laatst wees hij naar een e-bike met een lage instap. “Wat een lelijke fiets. Waarom heeft die geen stang?”
Ik: “Dat is een damesfiets waar je gemakkelijker op kunt stappen. Vooral oudere dames hebben dat op een gegeven moment nodig.”
Valentijn: “Maar opstappen zoals ik dat doe is toch niet moeilijk? Zo doet opa het ook. En die is al heel oud.”
Daar had hij wel een punt. De meeste mannen kunnen tot op late leeftijd hun been nog over het zadel zwaaien, maar vrouwen boven de 60 krijgen hun knie niet meer hoog genoeg en hebben een lage instap nodig.
“Waarom willen vrouwen voorlangs opstappen?” vroeg hij.
Ik legde uit: “Zo doen ze het al meer dan honderd jaar. Alle meisjes leren het zo. Maar in het begin van de fiets waren er helemaal geen vrouwenmodellen, want alleen mannen mochten fietsen en vrouwen niet.”
Valentijn: “Echt? Wat stom.”
Ik: “Tsja, dat was toen een regel. Een andere regel was dat vrouwen geen broek behoorden te dragen. Alleen jurken en rokken. En toen vrouwen toch gingen fietsen, moest dat op een model waar ze met een rok op konden zitten. Zonder stang dus.”




Valentijn: “Waarom mochten vrouwen geen broek aan dan?”
Ik: “Dat mocht niet van de kerk. In de bijbel staat dat vrouwen geen mannenkleding mogen dragen. Broeken zijn voor mannen en jurken en rokken voor vrouwen. Dat gold niet overal, maar in Europa wel. Er waren later wel dappere vrouwen die een broek of broekrok aantrokken om beter te kunnen fietsen en die werden toen manwijven genoemd.”
Valentijn: “Stom. Ik vind mama geen manwijf. En Olivia en Anna ook niet.”

Dat de fiets een grote rol heeft gespeeld bij de bevrijding van vrouwen, leek me een mooi verhaal voor later, wanneer het woord ‘emancipatie’ in Klokhuis ter sprake komt, ofzo. Dat vrouwen vroeger door hun man heel kort gehouden werden, is nu nog onbegrijpelijke informatie voor hem.
Hij ging in stilte in de werkplaats spelen en zei even later: “Dus een jurk moest van God? Dan komt die fiets met lage instap ook door God.”
Ik: “Eh… ja… zo heb ik er nog nooit over nagedacht, maar dat klinkt wel logisch.”
Hij vervolgde: “Dus zonder God hadden we nu alleen maar fietsen met driehoeken gehad. Want die zijn beter, toch?”
Ik: “Ja, misschien wel. Als alle meisjes vanaf het begin leren opstappen zoals jongens dat doen, hebben we veel minder lage instap fietsen nodig. En ja, driehoeken zijn beter. Daarom zie je nooit racefietsen en mountainbikes met een lage instap.”
“En de moeder van Alaa dan? Die gelooft in een andere god en zij moet een hoofddoek dragen en mag niet autorijden. Hoe zit dat dan?”
Ik: “Oh… ehm… vergelijkbaar verhaal, uit een andere cultuur. Ok, genoeg gekletst. Kom, we gaan lekker fietsen.”




